Stichting voor Christelijke Filosofie

Terugblik workshop ‘Is er meer tussen werken en uitrusten?’

Verslag workshop ‘Is er meer tussen werken en uitrusten’ op 5 april 2017

(door Ries Haverkamp)

 

In het kader van de Maand van de Filosofie organiseerde de Stichting voor Christelijke Filosofie samen met Veritas Forum op 5 april de workshop ‘Is er meer tussen werken en uitrusten’. De avond stond onder leiding van filosoof Robert van Putten en vond plaats in de sociëteit van de N.S.U. De opkomst was groot en divers; naast studenten waren er ook een aantal geïnteresseerde werkenden. Vanuit een christelijk (filosofisch) perspectief werden er op interactieve wijze antwoorden gezocht op twee hoofdvragen: waarom moeten we (nadenken over) rusten? En wat ís goed rusten eigenlijk?

 

Vermoeide samenleving

Op de vraag waarom je zou moeten rusten, kwamen vooral ‘positieve’ reacties uit het publiek: o.a. ‘het is lekker en prettig’, ‘het helpt je om zelf de baas te blijven, niet geleefd te worden’, ‘het helpt om dingen te verwerken’ en ‘het draagt bij aan het in perspectief plaatsen van dingen’. Toegelicht met voorbeelden uit eigen ervaring voegde Van Putten hier een andere invalshoek aan toe: het gaat niet goed met ons. We leven in een vermoeide, stressvolle en hyperactieve prestatiemaatschappij zonder remmen, waarin inmiddels 1:7 volwassenen te maken krijgt met een burn-out. Er staat iets op het spel, dáárom moeten we erover nadenken. Van Putten koppelde dit aan de Bijbelse notie van rentmeesterschap; het goed beheren en onderhouden van Gods schepping kun je ook betrekken op jezelf. En daar is rust voor nodig.

 

Oorzaken

Maar hoe komen we zo vermoeid? De prestatiemaatschappij werd plenair verkend aan de hand van de documentaire ‘De BV IK’ (VPRO, 2010) over ‘opgejaagde’ jongeren met veel ambitie en prestatiedruk die ongegeneerd carrière maken als belangrijkste doel lijken te hebben. Aansluitend reflecteerde Van Putten op de vraag hoe het zover heeft kunnen komen. Ten eerste typeert Van Putten het maatschappelijk systeem dat in de loop van de tijd is ontstaan als een prestatiemaatschappij, waarin men ‘loon naar werken’ krijgt en maatschappelijke status en identiteit worden verkregen op basis van prestaties. De druk om steeds beter te presteren in een dergelijke samenleving is groot. Bovendien is de maatschappij niet alleen gericht op prestaties, maar ook ‘interactief’: we willen actief betrokken zijn bij alles wat om ons heen gebeurt. Verder merkt Van Putten op dat er een omkering in waarden heeft plaatsgevonden. In de klassieke oudheid en het middeleeuwse christendom was rust de basis van de cultuur en het ‘contemplatieve leven’ het hoogste doel (‘vita contemplativa’). In de huidige tijd is deze rust verdrongen en is arbeid het hoogste doel geworden (‘vita activa’).

 

Goed rusten

Ook de vraag ‘wat is rust eigenlijk?’ leverde uiteenlopende reacties uit de zaal op: o.a. ‘mentale ontspanning’, ‘loskomen van verplichtingen’, ‘stom werk doen waar je niet bij na hoeft te denken’ en ‘aanpassing van het tempo voor meer bewuste aandacht’. Inmiddels lijkt de wal het schip te keren. Er komt steeds meer aandacht voor rust in de samenleving. Maar na

Is dit goede rust?

Is er meer tussen werken en uitrusten?

drie weken vakantie weer uitgerust en opgeladen aan het werk gaan – is dat rust? Van Putten stelt dat er over het algemeen erg oppervlakkig en instrumenteel over rust wordt gedacht. Rust wordt veelal gezien als een noodzakelijke tool om uit te rusten om verv

olgens weer door te kunnen gaan met ‘zelfontplooiing’. Maar is rusten niet veel meer dan uitrusten? Heeft het geen intrinsieke waarde? Voor deze vragen ging Van Putten (o.a.)  te rade bij de katholieke filosoof Joseph Pieper (1904-1997).

 

Christelijk perspectief

Pieper signaleerde de genoemde prestatiemaatschappij, waarin menselijkheid wordt gereduceerd tot productiviteit. Volgens Pieper verdringt het verlies van rust een dimensie van ons mens-zijn die fundamenteel is voor ons bestaan. Niet alleen om op adem te komen, maar ook intrinsiek: een innerlijke levenshouding en mentaliteit. Voor Pieper heeft rust te maken met het omarmen van het leven, met feestelijkheid, het vieren van het leven, waarbij jezelf ‘opladen’ geen doel op zich is, maar hooguit een bijeffect. Van Putten vervolgde dat als we dit willen leren we moeten kijken naar de (christelijke) religie, omdat rust en religie intrinsiek met elkaar zijn verbonden. De christelijke gemeente bijvoorbeeld, begint de week met het vieren van de opstandingsdag van Christus. Daarmee is de zondag niet primair een fysiek oplaadmoment, maar een gelegenheid om intrinsiek rust en vrijheid te vieren, in dienst aan God. Van Putten besloot dat het vinden van rust (op deze manier) niet maakbaar is en niet vanzelf gaat. Het vergt discipline en levenskunst, waarbij de ontkoppeling van identiteit en prestatie de sleutel is.

 

Onder het genot van een biertje werd na afloop informeel met elkaar doorgepraat. Het was een inspirerende avond, onder leiding van een enthousiaste spreker met kennis van zaken.

Laat een bericht achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

* *