Stichting voor Christelijke Filosofie

Nieuws

Geloven in God zonder bewijs.
De betekenis van Alvin Plantinga voor filosofie, theologie en kerk

Studiemiddag n.a.v. de publicatie van Alvin Plantinga’s “Kennis en Geloof” (Brevier 2016)
Alvin Plantinga

Alvin Plantinga. Een beroemde 83-jarige Amerikaanse filosoof met Friese wortels. Een apologeet die graag de dialoog met overtuigde atheïsten aangaat. Zijn altijd scherpzinnige gedachten over het bestaan van God, het probleem van het kwaad, de (on)redelijkheid van het geloof, schepping&evolutie, geloof&wetenschap en het atheïsme zijn zeer invloedrijk en worden door voor- en tegenstanders diep gerespecteerd.

Sprekers waren: drs. Bas Hengstmengel, dr. Guus Labooy, prof. dr. Alvin Plantinga (video-interview), dr. Jeroen de Ridder, drs. Cees-Jan Smits, dr. Dolf te Velde, dr. Piet de Vries en prof. dr. René van Woudenberg (interviewer).

P1120858_web

Bekende atheïsten zoals Herman Philipse moesten toegeven dat zij niet op konden tegen de argumenten van de Amerikaanse filosoof Alvin Plantinga. Plantinga voorzag de apologetiek –de verdediging van het geloof– van nieuwe inzichten. Hij gaf haar een nieuwe impuls.

Dat zei P. Rouwendal vrijdagmiddag op de studiedag in Kampen gewijd aan Plantinga’s boek ”Kennis en Geloof” (uitg. Brevier, Kampen). Zie het gehele RD-artikel

plantinga

Het christelijk geloof is redelijk te verantwoorden. Mensen hebben een ingeschapen Godsbesef dat door de Heilige Geest geactiveerd wordt. „Geloof is kennis, maar wel kennis van een speciale soort.”

De Amerikaanse christen-filosoof Alvin Plantinga (83) betoogt dat in zijn boek ”Kennis en geloof” (uitgeverij Brevier, Kampen), dat vrijdag het onderwerp is van een studiedag. (Lees het gehele RD-artikel)

 

Govert Buijs (‘Chairman’ van de conferentie ‘Christianity and the Future of Our Societies’) geciteerd:

*

Onze conferentie is al meer dan drie weken achter ons. De tijd gaat snel, maar als ik voor mezelf mag spreken, de herinneringen aan deze gebeurtenis nog vers. De reden van deze versheid is de indrukwekkende conferentie die we hadden, en waaraan jullie in belangrijke mate hebben bijgedragen.
Zoals ik al zei aan het einde, zowel de eenheid van geest en doel als de diversiteit van contexten en benaderingen waren inspirerend en verhelderend (en soms verontrustend als we ons realiseren dat de vrijheden en mogelijkheden die vanzelfsprekend in het ene land zijn zeer problematisch kan zijn andere en vice versa).
[Einde citaat]
*

Er is nu een en ander aan foto-materiaal gepubliceerd op deze website.

4216kopie_400x600

Govert Buijs (chairman)

 

 

Kerk moet haar oogkleppen afdoen

Waarom krijg je in Europa sportjournalisten met geen stok in kerkdiensten, en komen ze in Zuid-Afrika verbluft en enthousiast naar buiten?
ND OPINIE – beeld ap / anp / Robin Utrecht  – 29 augustus 2016, 03:00
*

Waarom krijg je in Europa sportjournalisten
met geen stok in kerkdiensten,
en komen ze in Zuid-Afrika verbluft en enthousiast naar buiten?

Het ANC heeft de verkiezingen in Zuid-Afrika verloren, terwijl haar leider, president Zuma, zich in diverse pinksterkerken heeft laten zegenen en daar profetieën ontving die hem een glorieuze overwinning voorspelden. Hoe moeten kerken zich tot de politiek verhouden?

Lees het complete ND-artikel

In het Belgische Leuven heeft deze week (week van 15-08 2016) een internationale vijfdaagse conferentie van theologen en filosofen plaats, georganiseerd door de Stichting voor Christelijke Filosofie en de Evangelische Theologische Faculteit (ETF) in Leuven. De deelnemers, die voor het grootste deel werkzaam zijn aan universiteiten en hogescholen, denken na over ”Het christendom en de toekomst van onze samenlevingen.” Ze zijn afkomstig uit 21 landen.

*

Riné le Comte van het Reformatorisch Dagblad deed verslag.
Foto’s van Marjoleine Klarenbeek-van Bussel.

*

Kerk-zijn in een sterk veranderende samenleving

_MG_4834_web
19-08-2016 Moment tijdens de conferentie in Leuven. 
Na een gemeenschappelijke ochtendwijding met gebed, Bijbellezing en gezang, werd de hoofdlezing gisteren verzorgd door prof. dr. Veli-Matti Kärkkäinen uit Finland. Thema was ”Kerk en Samenleving”. Hij ging in op een aantal belangrijke vragen. Hoe kan de christelijke kerk haar positie bepalen in een samenleving die grote veranderingen doormaakt in sociale structuren en religieuze opvattingen? Wat moeten de identiteit en de rol van de kerk zijn in een postmoderne wereld waarin zowel secularisme (het verdringen van religie uit het publieke domein) als pluralisme (het onderkennen van een veelheid van naast elkaar staande levensovertuigingen) hun invloed uitoefenen? Wat is de aard van haar toewijding aan de waarheid van Gods getuigenis?

 

Lees het complete RD-artikel

 

Govert Buijs tijdens CFS2016: Vanuit mijn geloof ben ik betrokken op de samenleving

_MG_4259
18-08-2016 Moment tijdens de CFS2016 in Leuven. Rechts prof. dr. Govert J. Buijs. 

(…) Binnen de traditie van de reformatorische wijsbegeerte, waarvan de Stichting voor Christelijke Filosofie drager is, is het altijd belangrijk gevonden om filosofie te verbinden met de praktijk, geeft prof. Buijs aan. „Wat is goede politiekbeoefening? Wat is goed verantwoord ondernemerschap? En hoe helpt het christelijk geloof om daarop een visie te ontwikkelen? Door discussies proberen filosofen en theologen beter zicht te krijgen op bijvoorbeeld de problematiek van het welvaartsevangelie. Hoe moeten christenen hiermee omgaan? Wat zijn de Bijbelse noties rond welvaart en zegening?”

 

Lees het complete RD-artikel…

Conferentie in Leuven: Hebzucht rijken leidt tot oordeel en wraak

2016-08-17-KRK2-leuven-4-FC_web
17-08-2016 In het Belgische Leuven heeft deze week de vijfjaarlijkse conferentie voor theologen en filosofen plaats. 

„Christelijke wetenschappers mogen een geheel eigen kijk hebben op klimaatproblemen en andere grote veranderingen op aarde in vergelijking met hun seculiere collega’s”, vindt prof. dr. Michael S. Northcott…

 

Lees het complete RD-artikel…

“Christenen moeten niet toeteren”

Govert BuijsGELOOF

Govert Buijs | beeld Aart Deddens

Leuven was de afgelopen week een ontmoetingsplaats voor 150 christen-filosofen, theologen en andere wetenschappers vanuit alle continenten. Wat is de rol van christenen in nieuwe vormen van samenleven die zich over de hele wereld ontwikkelen? Deze vraag stond centraal op het congres dat door de Stichting voor Christelijke Filosofie samen met de Evangelische Theologische Faculteit Leuven was georganiseerd. Een gesprek met congresvoorzitter prof.dr. Govert Buijs.

Waarom deze conferentie?

‘In Nederland zijn we ons er niet zo van bewust, maar in een paar decennia tijd is het christendom van een westerse religie een niet-westerse religie geworden. In het Westen heeft het christendom de eeuwen door een grote invloed gehad op de samenleving. In de komende jaren zullen in veel niet-westerse samenlevingen christenen op posities terechtkomen waar zij echt invloed kunnen hebben, in de politiek, in de economie, in het onderwijs. Wat gaan ze dan doen? Deze conferentie wil een dialoog op gang brengen tussen ‘oude’ en ‘nieuwe’ christenen over hoe je als christen present kunt zijn in de samenleving.’

Christenen vertellen elkaar tijdens de conferentie waarmee ze bezig zijn, stellen zich open voor kritiek, geven elkaar advies. Is er ook een doel op collectief niveau?

‘Christenen gaan soms heel kritiekloos mee met allerlei ontwikkelingen in de samenleving of trekken zich helemaal uit de samenleving terug in eigen kring, of zelfs beide tegelijk. Binnen de beweging voor christelijke filosofie, die in Nederland ontstaan is rond het werk van Dooyeweerd en Vollenhoven, gaat het om kritisch meedoen. Niet aan de kant blijven, maar creatief nieuwe wegen zoeken. Ook binnen de theologie komt de laatste jaren iets vergelijkbaars op, wat vaak ‘‘publieke theologie’’ genoemd wordt. Met elkaar bespreken we wat die houding betekent voor uitdagingen van onze samenleving nu. We zijn geen actiegroep, maar streven er wel naar dat christenen actief meedoen. Dat kan in Nederland iets heel anders betekenen dan in Brazilië, Zuid-Afrika of Zuid-Korea.’

Om welke uitdagingen gaat het dan?

‘Heel kort gezegd: hoe leven we met de aarde? Hoe leven we met elkaar als mensen met heel verschillende religieuze en culturele identiteiten? Want het probleem van de multiculturele samenleving speelt vrijwel overal in de wereld. En als derde: hoe bouwen we een rechtvaardige en humane economie? Denk aan de enorme impact van de financiële crisis. Deze uitdagingen spelen overal, maar vaak op heel verschillende manieren.

Vanuit Zuidelijke landen worden vaak nog twee uitdagingen toegevoegd die in Noordelijke landen wel – ten onrechte, denk ik – als vanzelfsprekend gezien worden: de kwaliteit van de rechtsstaat en de kwaliteit van gezin en familie. De rechtsstaat is belangrijk omdat corruptie in veel landen een immens probleem is, ook onder christenen. De kwaliteit van gezin en familie doen wij in het Noorden vaak een beetje af als ‘burgerlijk’, maar christenen uit het Zuiden leggen er veel nadruk op.

Een laatste uitdaging is erg interessant en schrijnend: terwijl de armoedeproblematiek blijft bestaan in het Zuiden, komt daarnaast de consumptiesamenleving op, met de daarbij horende overvloed.’

telegram aan Habermas

De Duitse filosoof Habermas heeft erkend dat het seculiere humanisme is vastgelopen. Er is een moreel vacuüm ontstaan dat volgens hem alleen door religies gevuld kan worden. Zij kunnen de voor het samenleven noodzakelijke waarden bieden. Stel, jullie sturen een telegram aan Habermas, wat zou daarin staan?

‘Habermas wil inderdaad ruimte maken voor religie in de samenleving. Hij is bang dat vanuit een plat seculier wereldbeeld geen enkele inspiratie uitgaat om de grote uitdagingen aan te pakken. Tegelijk is hij beducht voor religieus fundamentalisme dat geen ruimte wil geven aan andersdenkenden. Vaak hebben we de indruk dat het nieuwe christendom bijvoorbeeld in diverse Afrikaanse landen, bestaat uit dit soort fundamentalisten.

Tijdens de conferentie is me gebleken dat die indruk grotendeels onjuist is. Ook veel nieuwe christenen beseffen heel goed dat ze in plurale samenlevingen leven en ze willen die ook in stand houden. Dat verhindert hen echter niet om stevige standpunten in te nemen. In het telegram aan Habermas zou daarom kunnen staan ‘‘kom en zie!’’.’

Op welke manier kan de door Habermas voorgestelde rol voor religies gaan werken?

‘Christenen moeten uiteraard ook zelf willen bijdragen aan de samenleving en zich niet verstoppen. Dat kan soms in het publieke debat, in de media. Het kan gaan over concrete maatschappelijke betrokkenheid, denk aan de vluchtelingenopvang. De ene keer zal voor die bijdrage veel sympathie zijn, de andere keer word je uitgejouwd. Je moet dus wel een beetje een dikke huid ontwikkelen. Het kan aan alle kanten schuren.

Heel belangrijk is in dit verband goede vorming, goed onderwijs, zodat christenen met goede argumenten komen en niet maar wat toeteren. Een hele interessante ontwikkeling in dit verband is dat in Zuidelijke landen de laatste jaren door christenen veel scholen en universiteiten zijn opgericht. Er vindt inmiddels al een levendige uitwisseling van lesmateriaal plaats tussen Noord en Zuid.

Bijdragen aan de samenleving kan alleen slagen als je ook bereid bent tijd te investeren in onderwijs als voorbereiding daarop – het lijkt erop dat christenen in het Zuiden dat meer en meer beseffen en christenen in het Noorden hoe langer hoe minder.’ <

Maarten J. Verkerk Hoogleraar in beeld

Bijzonder hoogleraar Maarten Verkerk was lid van de adviescommissie ‘Voltooid Leven’ en in deze editie van Aspecten bevraagt Christine Boshuijzen- van Burken hem over zijn bijdrage aan deze maatschappelijk ingewikkelde kwestie.

De commissie ‘Voltooid Leven’ onderzocht in opdracht van het ministerie voor Volksgezondheid, Sport en Welzijn en het ministerie voor Veiligheid en Justitie de juridische mogelijkheden met betrekking tot hulp bij zelfdoding aan mensen die hun leven voltooid achten. De commissie bestond uit zeven hoogleraren en één academisch gevormde deskundige, allen met uiteenlopende achtergronden. Hoe raakt een hoogleraar Christelijke Filosofie bij een dergelijke commissie van wijzen betrokken?

Volgens Verkerk wilde men er een filosoof-ethicus bij hebben én wilde men de breedte van het Nederlandse volk vertegenwoordigd zien. Dit betekende dat ook de christelijke stem gehoord mocht worden. Verkerk: “Waarom men precies mij gekozen heeft weet ik niet. Wel denk ik dat het te maken had met het feit dat ik vanuit Vita Valley een studie gedaan heb naar kwetsbare ouderen en dat een deel van de aanleiding de leerstoel christelijke filosofie is geweest.” Lang hoefde Verkerk er niet over na te denken: “Als je gevraagd wordt, zeg je geen nee. Ik vond het een eer. Als jouw kennis en expertise gevraagd wordt omtrent een complex maatschappelijk vraagstuk dan heb je de morele verantwoordelijkheid om op de vraag van de ministers een positief antwoord te geven.”

De conclusie van het rapport is dat het niet wenselijk is om de juridische kaders voor euthenasie aan te passen. Verkerk legt uit dat de commissie tot deze conclusie is gekomen na een grondige analyse van wat ‘voltooid leven’ is.  Daarnaast heeft de commissie casussen bekeken en gesprekken gevoerd. Het viel haar op dat veel mensen met een ‘voltooid leven’ problematiek ook ernstige somatisch-psychische klachten hadden en vanwege deze klachten al euthanasie zouden kunnen krijgen. Dat was een constatering. Voor deze groep mensen is een wijziging van de euthanasiewet dan ook niet nodig. Daarnaast is er veel discussie geweest over zelfbeschikking als waarde en uitgangspunt. De euthanasiewet is gebaseerd op de waarden van barmhartigheid en bescherming van het leven. Verkerk: “Als de basis van deze wet zelfbeschikking zou worden dan verandert het hele karakter van de wet. Dan zou de arts alleen nog maar het “ja, ik wil dood” moeten controleren en zou er geen sprake meer zijn van bescherming van het leven.” De tweede aanbeveling van de commissie is dat hulp bij zelfdoding in handen moet blijven van de medische beroepsgroep in verband met deskundigheid, veiligheid en toetsbaarheid.

Verkerk heeft gedurende het onderzoek christelijk wijsgerige inzichten voortdurend in zijn achterhoofd gehad en soms ook expliciet gemaakt. Verkerk: “Ik heb bijvoorbeeld gebruik gemaakt van de aspectenleer bij het onderscheiden van existentieel lijden, sociaal lijden en psychologisch en somatisch lijden. Daarnaast was er het betoog dat een belangrijke verantwoordelijkheid van de overheid het beschermen van het leven is. Hier heeft Dooyeweerd een heel eigen theorie over.”

Over de praktische kant van het deelnemen aan de commissie zegt Verkerk het volgende: “Het was wel een aanslag op mijn tijd. Één keer per maand vergaderen en daarbuiten een halve dag lezen en in laatste vier maanden één á twee dagen in de week schrijven en lezen van de teksten.” Over het resultaat zegt Verkerk: “Ik sta 100% achter het rapport. Er zijn natuurlijk dingen die ik wel anders had willen zien,  maar ik kan er met het oog op mijn eigen moraal prima mee uit de voeten en ben blij dat er uiteindelijk best veel aandacht was voor de ethische kant van de kwestie.”

Op de vraag of er tips zijn voor christelijke filosofen wanneer hen gevraagd wordt voor een levensbeschouwelijk uiteenlopende commissie omtrent complex maatschappelijk vraagstukken antwoordt Verkerk: “Zelf ben ik te rade gegaan bij collega’s die in dergelijke commissies hebben gezeten en ik heb hen gevraagd hoe om te gaan met ‘christelijke argumenten’. Ik kreeg maar één advies, wat ik graag doorgeef: “Hou je bijbel dicht.” Probeer je argumenten zó te formuleren dat ze acceptabel zijn voor de andere commissieleden die een andere maatschappelijke achtergrond hebben”. Als voorbeeld noemt hij Thomas van Aquino, die zelfdoding afkeurde op drie gronden. Allereerst omdat het niet goed is voor jezelf, ten tweede omdat het niet goed is voor de maatschappij en ten derde keurde hij zelfdoding af vanuit religieus oogpunt. Volgens Verkerk gebruiken christenen vaak ten onrechte uitsluitend het derde argument. Zelf heeft Verkerk de nadruk gelegd op de eerste twee argumenten, want, zo stelt hij: “Als je belijdt dat de wereld geschapen is door het Woord van God, dan kun je in die geschapen werkelijkheid ook argumenten naar voren brengen zonder dat je hoeft terug te vallen op religieuze argumenten.” Hij vult aan: “Misschien maak je het jezelf als christen daar wel eens te makkelijk mee.” Hierin doelt Verkerk op de neiging die sommige christenen hebben om alles alleen door middel van bijbelcitaten te willen motiveren.

Tot slot meldt Verkerk: “Het was erg leuk om als commissie met zo’n complex onderwerp bezig te zijn vanuit diverse achtergronden en dan tóch tot een eenduidige conclusie te komen. Dat is best uniek.”