Stichting voor Christelijke Filosofie

Blog

Afgelopen zaterdag vond de jaarlijkse Christelijke Filosofie Conferentie plaats. Onder het gehoor van 180 (!) aanwezigen, sprak prof. dr. Maarten Verkerk tijdens het ochtendprogramma over de ‘verborgen dimensie van de klimaatcrisis’.

Religieuze dimensie

Volgens Verkerk is de klimaatcrisis niet slechts een probleem dat te maken heeft met te veel CO2-uitstoot. Hij benadrukte dat er een dieper probleem aan ten grondslag ligt, namelijk de verbroken verhoudingen tussen God en mens, en vervolgens tussen mensen onderling en tussen mens en natuur. Aan de hand van de overwinningsspeech van Thierry Baudet illustreerde hij deze religieuze dimensie. Baudet gebruikte namelijk in zijn speech religieuze taal om te laten zien dat het klimaatprobleem de nieuwe religie van de elite is. Zo sprak hij over klimaatpriesters, en over het altaar van het klimaat waarop offers gebracht moeten worden.

Verkerk liet vervolgens op basis van het werk van de Franse filosoof Bruno Latour zien dat de aarde een politieke actor geworden is. Wetenschap en techniek hebben het mogelijk gemaakt om de aarde in hoge mate te beheersen en controleren. Door de klimaatverandering stuit de mens echter op de grenzen van de mogelijkheden tot beheersing. In de woorden van Latour: de aarde komt in opstand en slaat terug. In navolging van Latour onderstreepte Verkerk dat de opdracht om het klimaatprobleem te adresseren een gezamenlijke opdracht is. Duurzame ontwikkeling moet inclusief zijn, zodat ook armen en mensen aan de rand van de samenleving worden betrokken. Alleen op die manier kan er op het gebied van klimaat recht en gerechtigheid worden gedaan, aldus Verkerk.

Hoopvol perspectief

Prof. dr. Jan Hoogland, hoogleraar christelijke filosofie aan de Universiteit Twente, reageerde op het betoog van Verkerk. In zijn reactie stelde hij de vraag hoe het komt dat het draagvlak voor klimaatmaatregelen onder druk staat. Volgens hem is het van belang voor de geloofwaardigheid van wetenschappers dat ze hun onderzoek verbinden met hun levensovertuiging en daar ook naar handelen. Daarnaast betoogde hij dat de communicatie over de klimaatproblematiek vergezeld zou moeten gaan van een hoopvol perspectief. Christelijke filosofie kan bijdragen aan het bieden van zo’n perspectief. Tijdens de discussie met de zaal werd het belang van een hoopvol perspectief erkend. Tegelijkertijd brachten enkele aanwezigen naar voren dat er wellicht soms juist angst nodig is om mensen tot handelen aan te sporen.

Na het ochtendprogramma bedankte Roel Kuiper (emeritus hoogleraar christelijke filosofie) Maarten Verkerk voor zijn inzet als bijzonder hoogleraar christelijke filosofie in Eindhoven en Maastricht. Ook bood hij Maarten Verkerk het eerste exemplaar van zijn boek De wereld liefhebben: Over ecologische paniek en politieke ethiek aan.

Workshops

Na de lunch waren er diverse workshops. Een aantal workshopleiders borduurde verder op het thema klimaat en duurzaamheid. Zo hield Eva van Urk een workshop over de relatie mens-dier vanuit theologisch perspectief. André van Delft ging in zijn workshop in op de vraag of de ecologische crisis een technische of spirituele crisis is. En Teunis Brand onderzocht het belang van de filosofie van Albert Borgmann voor duurzaam handelen. De overige workshops behandelden diverse andere thema’s, zoals de kwaliteit van relaties volgens de Joodse filosofie, het denken van Jacques Ellul over de stad, en de betekenis van argumenten voor het bestaan van God.


Het Reformatorisch Dagblad deed ook verslag van de conferentie. Lees het hier. Voorafgaand aan de conferentie hield het Nederlands Dagblad een mini-interview met Jan Hoogland over zijn bijdrage.